droomtuinieren deel 52: van sneeuwhuisje tot bloesemboog

Gabriella van der Linden • 9 januari 2026

Share this article

Snow-covered small cabin nestled among bare trees in winter. Brown leaves and frosted roof visible.

Kijk nou hoe geweldig: een tuinvriendin stuurde me de foto’s waar ik naar verlangde! De droomtuin in de sneeuw…

 

Vandaag verzin ik dan (warm aan mijn keukentafel) een bloesemboog in mijn droomtuin - een beplanting waarin elke maand van het jaar iets bloeit – of in elk geval zoveel mogelijk maanden. Een bloesemboog wordt soms ook echt als gebogen lijn aangeplant, ik pas alleen het principe toe zodat er voor insecten altijd iets te halen valt in mijn tuin. Omdat ik eerder al voor de grootste insectenlokkers als ondersteunende planten heb gekozen, ben ik al een heel eind. Wat er ontbreekt, ga ik nu uitzoeken en opvullen! Een van de twee zilverbessen begint in januari met bloeien, en inmiddels heb ik ook al hazelaars geplant die hetzelfde doen. Voor februari wil ik er madeliefjes, krokus, iris, sneeuwklokjes en longkruid bij. In maart beginnen paardenbloem en rozemarijn, gevolgd door winterpostelein en het eerste fruit in april. Van mei tot september is het bal: te veel bloesem en bloemen die ik plantte of ga planten om op te noemen, van vingerhoedskruid en blauwe regen tot echinacea en lavendel. Als het rustiger wordt in oktober bloeien madeliefje, goudsbloem, sommige salies en zilverbes nog steeds… om in de laatste maanden van het jaar de eer te laten aan klimop en (nog steeds) zilverbes. En ik ga mijn ogen openhouden voor een mooie witte helleborus. Die kerstroos helpt hommels en sommige zweefvliegen graag in de winter, dat zou nog een aanwinst zijn in de border naast het paddenpoelbankje (ooit!). Komend jaar zaai en plant ik wat er nu nog ontbreekt, en wat ik al plantte is natuurlijk ook nog even onderweg voor de echte bloei – maar over een paar jaar zijn we rond. Het maakt me eerlijk gezegd niet zoveel uit of ik altijd iets bloeiends zie – ook zonder bloemen is er genoeg te genieten. Maar als ik toch de keuze heb kan ik net zo goed elke maand voer voor bestuivers regelen. Kun jij het jaar rond met bloemen in je tuin?

Recent Posts

Groene bladplanten die in de grond groeien.
door Gabriella van der Linden 12 februari 2026
Ik wil bij de kruidentuin ook een beetje groente, en dan natuurlijk mijn geliefde vaste planten die ik in blog 55 noemde, in plaats van de gebruikelijke eenjarigen – want ik zit niet om werk verlegen en kies liever voor één keer planten en daarna jaren oogsten. Ik laat ze ook graag als solitair mooi zijn tussen de kruiden – saaie rijtjes zijn nergens voor nodig. Zo’n afwisseling scheelt ook stukken bij plaagbeestjes zoals rupsen en slakken: een rij dezelfde plantjes is net zoiets als een supermarktgang vol lekkers, hop van de een naar de ander. Dan liever om en om met de taaiere kruiden! Maar er komen niet alleen vaste groenten: ook eetbare een- en tweejarigen krijgen een plekje, de soorten die zichzelf uitzaaien. Daar maak ik het liefste randjes van (en dan vind ik het niet erg als het randje het jaar erna aan de wandel gaat!). Denk aan rucola, madeliefjes, paardenbloem, goudsbloem, oostindische kers, winterpostelein en nieuwzeelandse spinazie. Of de zwartmoeskervel van de foto uit mijn thuistuin – al laat die zich nooit in randjes dwingen! Omdat ik de bodem met rust wil laten, vind je bij mij in de vollegrond nooit iets wat je al gravend moet oogsten. Eén uitzondering: rondom mijn fruitbomen plant ik tenen knoflook, die geweldig zijn als ziekte- en plaagbestrijders. Veldjesvol rond de stam, die lekker knipbaar groen geven en mooie knoflookbollen het jaar erop!
Een onverhard pad door een bosrijk gebied, omzoomd met bruine struiken en bomen.
door Gabriella van der Linden 8 februari 2026
Vandaag een bijeenkomst met bijna de hele werkgroep Natuurlijk Tuinieren van Zonnegaarde, om het nieuwe tuinjaar in te luiden. Goed om alle plannen en projecten door te spreken, maar natuurlijk is het leukste de wandeling vooraf: langs alle bijzondere plekjes die we beheren op het terrein. Bijzondere aandacht voor de amfibieëntuin, met een paddenpoel, een stapelmuurtje als schuilplaats en wilde bloemen die insecten aantrekken – die weer voer vormen voor verschillende amfibieën. Er worden plannen gemaakt voor het werk dat er nog aan moet gebeuren. Natuurlijk bekijken we ook ‘mijn’ takkenril, en het pad naar de bijenweide waar al veel van het knothout van mijn wilgen een mooi plekje vond langs de randen. We zien judasoren en elfenbankjes groeien op eerder neergelegd hout en stappen voorzichtig om midden op het pad uit de grond knallende krokusjes heen. Stralend blauwe lucht en tintelend fris: het is een prachtige ochtend! 
Een gedeeltelijk gesnoeide boom met een ladder ertegenaan, met een blauwe lucht op de achtergrond.
door Gabriella van der Linden 31 januari 2026
Vandaag maak ik samen met andere leden van de werkgroep Natuurlijk Tuinieren van Zonnegaarde de voorbereidingen voor de aanstaande takkenril, tussen mij en de (gemeenschappelijke) buurtuin. Wanstaltige ijzeren hekken worden uit bramen en klimop gegraven en geknipt en blijken, eenmaal los, ook nog vast te zitten aan een nog langere vloerrail: loeizwaar! Naar het pad ermee. Twee bergen snoeihout verdwijnen naar de gezamenlijke compostplaats, en een minstens even grote berg dikke krulwilgtakken mag naar het pad van de bijenweide. Langs de kanten daarvan worden ze smal opgestapeld als begrenzing – op dat wat er eerder is gelegd groeit al menige paddenstoel: neem vooral een kijkje als je een keertje wandelt op het volkstuincomplex, echt prachtig! En terwijl wij even pauze nemen en ik mag kennismaken met een paar andere tuinen, verschijnt de stoere klusploeg van het complex voor het oud ijzer. Ze sjouwen de inmiddels beroemde fontein annex vijverbak op sokkel ook naar het pad naast de hekken en gaan dan even babbelen bij de kringloopwinkel verderop aan de weg. En ja: daar willen ze al het oud ijzer wel. Zo krijgt alles een bestemming. Ondertussen wordt aan de andere kant van mijn tuin de es ontkroond, als voorbereiding op de kap. En ben ik blij met een tuinvriendin die foto’s maakt – want natuurlijk vergeet ik juist op een dag als deze waarin er van alles gebeurt mijn telefoon thuis… Ik zoek er ook nog eentje bij van de hekken een paar maanden terug: wat een verschil! Blij, blij. blij met zoveel hulp. En met zoveel vorderingen. En nog maar een keertje ook met het voorjaar!
Zaadzakjes en donkere bonen verspreid over een oppervlak.
door Gabriella van der Linden 28 januari 2026
Te koud voor tuinwerk betekent moestuinieren aan de keukentafel: zaadjes uitzoeken. Van een van de leukste groenten, ook in de niet-groentetuin: klimmende bonen. Ik zaai ze bonen niet te vroeg (zoals mijn moeder vroeger zei (dat haar moeder altijd zei): ‘bonen mogen de mei niet zien’. Vervolgens mogen ze de rozenpoortjes beklimmen - daarom hou ik zo van bonen met mooie bloesemkleuren zoals de zalmroze pronkers - voor door de abrikooskleurige roos - en hemelsblauwe raasdonders die samen mogen met een witte klimroos). Ik oogst vers wat ik nodig heb, en wat blijft hangen door overvloed of tijdgebrek laat ik aan de plant drogen. Uiteindelijk, als het loof afsterft, knip ik de hele plant net boven de grond af. Die struik mag ondersteboven in de schuur tot de winter, dan heb ik tijd om de gedroogde bonen eraf te halen, te doppen: voorraadje voor chili en kapucijners, en nieuw zaad voor volgend jaar! De wortels laat ik altijd zitten: ze maken de grond vruchtbaarder door heel veel stikstof op te slaan. Maar komend jaar ga ik voor een experiment: op de afgeknipte stoppels komt een laagje wintervacht: compost, blad of wat ik maar voorhanden heb. Misschien een stukje gaas eroverheen met tentharingen. Soms loopt de boel dan weer gewoon uit, om nieuwe bonen te geven: de boon als vaste plant!
Tekst uit een gedicht, handgeschreven met zwarte inkt op oud papier.
door Gabriella van der Linden 23 januari 2026
Maak ik nou een moestuin of niet? ‘Moestuin’ betekent gewoon tuin met ‘moes’, en da’s een heerlijk ouderwetse verzamelnaam voor ‘eetbaar groenvoer’. Je vindt het terug in woorden als bladmoes, warmoes en warmoezenier (tuinder). Inmiddels is alles veredeld en vind je in de supermarkt zachte spinazie en sluitende kolen. Gekweekt als eenjarige groenten, dus je zaait elk jaar opnieuw en na de oogst haal je de plantrestjes weg. Die manier wordt ook het meest gebruikt in de standaard moestuin: eigenlijk een ‘eenjarigen-groentetuin’ dus. En ik ben veel meer van de vaste planten. Gelukkig kun je daarmee ook heel goed moestuinieren. Dat scheelt veel werk omdat je dan niets anders meer hoeft te doen dan oogsten… én het scheelt ook veel ziektes en plagen. Denk bijvoorbeeld aan slakken: geweldige opruimers die alle zwakke plantjes graag voor me verwijderen. Die versgezaaide sappige spinazie is in hun ogen toch echt een zwakkeling, net als die rij tere koolplantjes – hapklaar! Heel wat anders dan bijvoorbeeld vaste groente zoals ‘eeuwig moes’ (smaakt als kool maar groeit in losse bladeren) of ‘brave hendrik’ (beetje als spinazie): de stengels zijn stugger, het blad wat je oogst stevig. Niks zwaks aan, dus de opruimers blijven er meestal af. De planten worden elk jaar groter en sterker, terwijl ik gewoon door kan oogsten. Andere groenten die in mijn vaste-planten-moestuin een plekje gaan krijgen zijn bijvoorbeeld oesterblad (stevig en zilt), welsh onion (vaste lente-ui), daslook, knoflookmosterd (koolfamilie), broccoli nine-star (krijgt minibloemkooltjes in de bladoksels) en natuurlijk mijn lieveling: rabarber. Ook asperge is vast, maar daarvoor kijk ik eerst deze zomer of er genoeg plek is. Op de foto lees je Aangebrand, van J.C.W. Staring uit 1827
Groene en zilverkleurige planten, gevallen bladeren en mos in een tuinomgeving.
door Gabriella van der Linden 19 januari 2026
De sneeuw is amper gesmolten, of het voorjaar klingelt aan de deur. Het leuke van een nieuwe, oude tuin is de erfenis aan verborgen cadeautjes. Zo heb je het hele eerste jaar steeds weer nieuwe ontdekkingen… en de belangrijkste in dit vroege voorjaar zijn natuurlijk dat er overal en nergens bolletjes omhoog piepen. Zo ontstaat er straks een kleurige kruidentuin, want als ze nou zo hun best om bij de salie in het vak te staan, haal ik ze niet weg. En een plukkie op het pad… ach, daar loop ik wel omheen. Ik ontdek verder twee eerder nog verborgen rozen, dankzij hun rode knopjes. Behalve de seringenknoppen zie ik ook bekenden die ik zelf aanplantte – en dan nu in knop dus goed aangeslagen! Ik heb het gevoel alsof ik de hele bende begroet na het wakker worden. Welkom hazelnoot! Goeiemorgen gingko!
Verdroogde, bruine bladeren die aan dunne takken hangen. Close-up van herfstbladeren.
door Gabriella van der Linden 16 januari 2026
Mijn kruidentuin wordt omzoomd door een rondlopend laag hekje van betonvlechtmat, waartegen een beukenhaag is geplant die ik op anderhalve meter afsnoei. Zo komt er genoeg licht bij de kruiden, en is er gefilterde inkijk. Want een beukenhaag is bijzonder: niet wintergroen, maar wel bladhoudend! In de herfst verkleurt en verdroogt het blad zoals bij andere bomen – maar het vertikt het om te vallen. Beukenblad blijft lekker verschrompeld ritselend aan de haag zitten: herfstkleur tot in de winter. In het voorjaar duwt het jonge groene blad de oude garde weg. Zo vormt het echt een van de leukste hagen die ik ken. Ik zag hem een eeuwigheid geleden compleet met verdroogd blad bij het Muiderslot en ben hem nooit vergeten… zo’n cadeautje om deze in de droomtuin te vinden! Omdat ik hem redelijk plat snoei om loopruimte over te houden, is hij in mijn tuin half-doorzichtig. Wie echt inkijk wil weren, plant beter een dubbele laag. Wil je dit ook, let dan goed op dat je geen haagbeuk koopt: ook een mooierd maar van heel andere familie, die laat de blaadjes gewoon vallen. Zou toch jammer zijn om daar na een halfjaar pas achter te komen!
Gedroogde bruine plant met donkere bladeren tegen een lichte achtergrond.
door Gabriella van der Linden 5 januari 2026
Wat zou ik graag mijn huisje in de sneeuw zien nu… maar voorlopig is het te glad om erheen te fietsen, zelfs tussen de buien door. Ik ga thuis in de warmte aan een bloesemboog-ontwerp werken, en het uitzicht is daar ook heerlijk, vooral met de pimpelmeesjes die zich tegoed doen aan de pinda’s in het gazen voerhuisje. De bladeren van de zwartmoeskervel at ik in de zomer (beetje selderijachtig) en nu pronken de anderhalve meter hoge stengels met hun bloemschermen vol zaad naar alle vogeltjes alsof ze Alice in Wonderland roepen: eet me, eet me! Achterin de tuin is er een bessenbuffet aan hulst en liguster, en her en der krabben en woelen vogelpootjes om ander eetbaars te scoren. Deze tuin mag weinig zon krijgen, maar voor diertjes is er is genoeg te halen. Op de veranda staan - in de kou maar wel achter glas - de nodige planten die een piepklein beetje bescherming mogen, waaronder twee lievelingen samen in een pot: sphaeralcea’s, abrikooskleurig en koraal. Noem het een schijnmalva of een mini-lavatera, zoek ze en ze zijn uitverkocht of uit het assortiment - maar vind ze en word verliefd. Half winterhard en zonliefhebber dus hier nooit beland in de tuin, maar met een beetje aandacht een droomplant in een pot – op de foto zie je ze in zomerkleuren. Ik hou van ze op dit plekje, maar wanneer ze wat groter zijn wil ik experimenteren met vermeerderen en ze ook in de droomtuin aanplanten. En hoewel ik vind dat elke plant minstens twee en liefst nog meer doelen mag hebben (zoals eetbaar, ondersteunend én mooi bijvoorbeeld), kan ik voor deze mooierd alleen maar ‘mooi’ verzinnen. Maar dan wel zó mooi, dat mooi genoeg is… Geen ruimte meer voor een bloesemboogverhaal: volgende keer verder!
Gedroogde bladeren en zaden uitgestald in schalen en kommen op een turquoise tafel.
door Gabriella van der Linden 30 december 2025
Theetje uit een tuin met niks – of hoe je altijd wel iets kunt oogsten. Vandaag verwerk ik de eerste kruidenoogst uit de droomtuin. En omdat de ‘echte’ kruidentuin nog maar in aanleg is, is ‘oogst’ gewoon dat wat er stond. Ik oogstte vanaf juli, tijdens het ruimen en snoeien. En tot het huisje aan de binnenkant klaar is, droog ik de oogst thuis: in bosjes binnen of buiten, of los in kistjes met gazen bodem (zoals bollenkistjes). Ik heb ook elektrische voedseldrogers, maar met kruiden heb ik nooit haast, dus dan liever zonder stroomverbruik. En kijk, mijn eerste tuinthee: braamblad, brandnetel, vijgenblad en munt. Uit de thuistuin mag daar nog zwartebessenblad bij, en van wildplukoogst vlierbloesem en madelief. Beetje fruitig, beetje fris, beetje zoet, beetje bitter: een mooie melange zomaar cadeau!
Een klein huisje verscholen tussen kale bomen, met een zonovergoten hemel die door de takken heen schijnt. Op de voorgrond staan ​​hagen.
door Gabriella van der Linden 26 december 2025
Een rustige kerstdag, met droog weer: perfect voor de tuin. Het is heerlijk stil en zo koud dat je vanzelf doorwerkt 😉. Ik tut een beetje in het rond, zie van alles nog fris groen zijn en snoei verder aan het gekapte hout. Volgende maand gaan we een begin maken met de takkenril: steeds twee dikke takken of paaltjes tegenover elkaar, over de lengte van de erfgrens, waartussen snoeihout een plek vindt en daarmee allerlei levends een huisje. Natuurlijk kunnen daar ook boompjes (al dan niet afgezaagd) voor gebruikt worden, en toevallig staan er al aardig wat op een goeie plek ervoor. Het is fijn zoveel mogelijk in eigen tuin te kunnen gebruiken, al dump ik de takken met stekels van braam en vuurdoorn liever op de gezamenlijke composthoop. Een eigen composthoop zal er ook gaan komen, tegen de achtergrens – maar nu nog niet. Ik plant eindelijk mijn duindoornechtpaar, in het begin van het vogelgebied, na maanden in de tijdelijke bak. Sommige dingen zijn makkelijker als je door de kale bomen het bos weer ziet 😉. Of ze hier genoeg zon krijgen, en of de grond helemaal naar hun zin is? We gaan het merken, het experiment is de moeite waard. Duindoorn is zo’n uitzaaiende enthousiasteling dat een tikkie minder juist fijn is… Ik hoop op precies genoeg vogelpret, lekkere stekeltakken voor nestelplaatsen én privacy, en duindoornbessen vol vitamines en fijne olie toe!
Show More